Sneeuwuil - Bubo scandiacus
Familie: Uilen (Strigidae)
Status: Native, Soort Zeldzaamheid: Zeer zeldzaam
De sneeuwuil is een uil met een grootte van zo'n 53-66 cm. De soort heeft een ronde kop met een eigenaardige katachtige uitdrukking. De seksen verschillen aanzienlijk in grootte. De vrouwtjes zijn 20 procent groter dan de mannetjes. Het mannetje is haast helemaal wit terwijl het vrouwtje veel zwarte tekening in het verenkleed heeft. Moeilijker word het onderscheid bij jonge vogels. Jonge mannetjes hebben meer zwart in het verenkleed en lijken daardoor op vrouwtjes. 's Winters zwerven sneeuwuilen naar het zuiden als er na een goed broedseizoen te weinig voedsel is. Soms komt er dan een sneeuwuil in Nederland terecht. Al moet gezegd worden dat zo'n exemplaar dan wel erg ver naar het zuiden is afgedwaald. De sneeuwuil jaagt soms in de schemering maar meestal bij daglicht.
BroedgebiedHun broedgebied ligt zo'n beetje langs de grens van Zweden en Noorwegen, in het bergland van Trondheim tot Finmark. Hier dus niet aan de kust. Dan zet het zich met een korte onderbreking voort langs de kust vanaf Kirkenes en Kola, over de Witte Zee langs de kust van Siberië tot Kamtsjatka. Verder broeden ze op IJsland, eilanden in het noordelijke deel van de Atlantische Oceaan, de oost en noordkust van Groenland, en van Newfoundland langs de noordkust van Canada en Alaska tot de Beringstraat. Na de broedtijd zwerven ze over de toendra's naar zuidelijker streken, maar ze blijven in onbewoonde, meer ontoegankelijke gebieden boven de boomgrens. In Noorwegen en Zweden komen ze een enkele keer tot het zuiden, en in het verleden ook tot het noorden van Denemarken. Die verder afdwalen, zoals de enkelen die in onze streken waargenomen zijn, zijn meestal jonge vogels. |
PredatieHet mannetje is kleiner dan het vrouwtje. Ze worden 53 tot 66 cm groot. De kleur is wit met donkere vlekken, maar het mannetje heeft aanzienlijk minder, of helemaal geen vlekken. Jongen hebben meer vlekken, de veren worden pas in het tweede jaar geruid. Het voedsel van de sneeuwuil bestaat voor het grootste deel uit lemmingen en andere knaagdieren van de toendra. Daarnaast poolhazen, en vogels zoals meeuwen, eenden en ganzen. Ze produceren grote braakballen die een lengte kunnen hebben tot 12 cm, met een doorsnede van 3,5 cm. Het zijn door de grote stukken botten die er in zitten onregelmatig gevormde braakballen, die los samen gedrukt zijn. De sporen die te vinden zijn in de sneeuw of drassige bodem, tonen een ander beeld dan dat van de meeste vogels. Het lijkt enigszins op een asymmetrische H met vier tenen. Een voetafdruk van een vrouwtje meet 10 cm, dat van het mannetje is kleiner. |
VoedselaanbodDe zomer in het hoge noorden is kort. De tijd van het begin van de broedperiode tot de vogels uitvliegen, is vaak voor de laatsten die uit het ei komen te kort om het vangen van prooi te leren, en overleven het niet. Een grote rol speelt het voedselaanbod. Het hoofdvoedsel bestaat uit lemmingen. Bekend is dat die bij piekjaren in overvloed aanwezig zijn, maar die worden gevolgd door magere jaren. Hier stellen de sneeuwuilen hun broedgedrag op in wat het aantal eieren wat gelegd wordt aangaat. Soms slaan ze in magere jaren een of een paar broedseizoenen over. Het jachtgebied van een paartje sneeuwuilen is normaal 9 tot 10 vierkante kilometer, maar in jaren met minder prooidieren kan dat veel groter zijn. Je moet geluk hebben om deze schuwe vogels, die een terug getrokken leven leiden in moeilijk voor de mens te betreden gebieden te aanschouwen.Sneeuwuilen, vogels van de eenzaamheid. |
Namen
![]() | Sneeuwuil | |
![]() | Snowy Owl | |
![]() | Harfang des neiges | |
![]() | Schneeeule | |
![]() | Sneugle | |
![]() | Gufo delle nevi | |
![]() | Snie-ûle | |
![]() | Coruja-das-neves | |
![]() | Lumekakk | |
![]() | Puchacz śnieżny | |
![]() | Sovice snezni | |
![]() | Белая сава |
Geluid
Xeno-Canto.orgSneeuwuil - Bubo scandiacus © ETI Bioinformatics
















)
1 stem(men)
)


